ADnD: Alle dagen niets doen

warhoofd


Schoolmoeder K. en ik liepen de Avondvierdaagse:
“Wat ben jij bruin zeg” merkte ze op.
Ja, het was mooi weer hè, afgelopen weken, maar ik lig eigenlijk af vanaf maart in de tuin, zei ik graaiend in mijn heuptas op zoek naar een rol mentos.
“Echt waar? Wat doe je dan?”
Ja, gewoon, niks, krantje lezen, koffiedrinken met mijn klusjesman, wijntje doen met vriendinnen en soms val ik in slaap. Eigenlijk best vaak.
“Oké, en vind je dan niet van jezelf dat je je huis moet schoonmaken ofzo”.
Nee, eigenlijk niet, moet ik dat vinden dan? het zijn immers mijn vrije dagen.
“Tja, ik voel me schuldig als ik die tijd aan mezelf geef. Ik kan het daarom niet eens”.
Waarom niet?
“Nou ja, omdat er altijd wel wat te doen valt in huis. Is het bij jou geen bende thuis?
Mwah, niet echt, maar ik denk als we mijn huis gaan vergelijken met de jouwe wel.
“Dus je bent eigenlijk gewoon lui”.
Huh, jeetje. Misschien wel, ik hou gewoon heel veel van niets doen. Ik besloot de schoolmoeder niet de roze mentos aan te bieden die nu bovenin de rol zat.

Maar, had K. gelijk? Was ik lui? Mag ik die tijd wel voor mezelf opeisen? Ik vond altijd van wel. Maar aan de andere kant, er is altijd wel wat te doen in huis. Maar waarom zou je voor de lol je badkamer een beurt geven zonder dat het echt nodig is? Toch liet het me niet los.

“Ik vind jou niet lui Barbara, ik vind je verstandig”.
Ik zat na drie jaar weer bij de psycholoog met pinopet. Sinds ik manloos overleef was ik nog vaker dingen kwijt dan voorheen en was ik vaak moe. Het is soms lastig alle ballen tegelijk hoog te houden: mijn baan, mijn schrijverijen, mijn sociale leven, het huishouden en niet in de minste plaats: mijn gezin. Maar daarnaast had ik niet ingeleverd op mijn favoriete vrijetijdsbesteding: niets doen. Sterker nog; naarmate de drukte toenam, ging ik meer focussen in mijn werk en was ik nog vaker toe aan niets doen. Maar nu ik dus als ‘LUI’ was bestempeld, voelde ik me er steeds vervelender onder.

Waarom vind je me verstandig? vroeg ik aan Pinopet.
“Mensen zoals jij lopen vaak over. Ze lijken dromerig, maar hun hoofd zit vol gedachten. Jij daarentegen, houd je agenda zoveel mogelijk blanco én je pakt op tijd je rust, waardoor je er daarna weer tegenaan kunt om zo uitgerust je werk en taken te doen. Je bent een goed aangepaste ADD-er. Je kent je zwaktes en hebt daarmee leren omgaan. Als we de officiële test afronden, zou je medicatie kunnen krijgen, maar je moet je afvragen of je dat wilt. Ik vind eigenlijk wel dat je het heel goed doet”.

We besluiten de therapie af te ronden. Het stempel is officieus gedrukt; ik heb een concentratiestoornis in de vorm van ADD, maar er valt goed mee te leven.

Tenminste, dat vind ik zelf, maar ik weet niet beter. Misschien is leven mét mij wel ontzettend lastig. Of zoals mensen me regelmatig toebijten als ik weer eens sta te dromen of klungelig doe: “Is het weer zo’n dag Barbara? Is je hoofd weer een warboel?  Of: word je nooit eens moe van jezelf?

Blijkbaar ontzettend.

“Dolce far Niente”
Italian Best way of living.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s