Column: De verlaten prinses

Prinses-op-de-Erwt-staand-1.jpg

Er was eens een prinses die alles had: een groot kasteel, twee prachtige zonen, en een cabrio. Ze genoot er ook zo van, maar had ook nog een man. Die werkte hard, was laat thuis en vaak moe.  En dat was prima want: van haar kant geen polonaise meer. Maar dat vond hij niet zo prima, dus prikte hij de pedicure. En toen werd hij verliefd, en toen vond hij – zo eerlijk dat hij was- dat hij het de prinses moest vertellen.

Ach en wee. De prinses ontstak in woede en Huib, haar man verruilde noodgedwongen het kasteel voor een flatje op vijfhoog. Hij voelde zich schuldig en wilde de prinses alles geven. Maar alles wat zij wilde, was zijn goede naam te grabbel gooien. Heel de wereld moest het weten wat Huib haar en hun zonen had aangedaan. Ze ging in hongerstaking en stortte zich en public ter aarde neer. Het verdriet was hartverscheurend. Ondersteund door de menigte moest ze naar huis worden gebracht.

Een vechtscheiding volgde. Ze wilde Huib niet meer spreken. Het verdriet van de kinderen die hier tussen zaten,  wierp een schaduw over het prille geluk van de overspelige man. Echt gelukkig voelde Huib zich allang niet meer en even overwoog hij om terug te gaan naar het kasteel, naar de prinses. Al was het alleen maar voor zijn kinderen. Maar hij kon het niet. Liefde valt niet te veinzen, nooit.

“Waarom doet de prinses niet gewoon aardig, misschien ga ik haar dan wel weer gezellig vinden en kunnen we in ieder geval weer gewoon bij elkaar op de koffie”, sprak Huib een keer in beschonken toestand uit. Maar dat deed ze niet. Acceptatie was een harder gelag, dan zoete wraak.  Een rol als verlaten prinses paste haar beter, dan één die haar verlies nam, de neus in de lucht stak, en met opgeheven hoofd haar leven zou vervolgen.

En de prinses zwelgde nog lang en ongelukkig.

Money can’t buy you love.

 

‘Material girl”  Madonna